Welkom

Op de website van Factor70.nl Hét platform voor de 70+ vrouw van nu.

Regio

Wil je de landelijke of regionale rubrieken bekijken? Kies rechtsbovenin de gewenste regio.

Zoeken

Kun je iets niet vinden? Zoek dan met de knop onderin.

Veel leesplezier

Wil je graag op de hoogte worden gehouden? Schrijf je dan in voor de nieuwsbrief.

Ineke Swanevelt

Ineke Swanevelt (75) geboren in hartje oorlog, hartje Rotterdam, wil als kind al naar het toneel. Als 20-jarige studeert ze af aan de Amsterdamse toneelschool. Na een korte carrière bij de Nederlandse Comedie verblijft ze drie decennia met haar man in het buitenland. Sinds twee jaar is ze weduwe na 44 jaar gelukkig samen zijn. Ze pakt haar leven weer op, als actrice. Daarnaast is schrijven haar grote passie. Voor Factor70 schrijft ze wekelijks een column.

Ouders II

Mijn vader zei tegen de huisarts dat hij de situatie niet meer aankon. ‘U moet iets regelen. Nu. Anders ga ik op de grond liggen, net zo lang tot het in orde is.’ En reken maar dat hij dat gedaan had. De dokter belde naar een tehuis in Ommoord, en de volgende dag kon mijn moeder daar terecht. Ze schikte zich in haar lot, wist eigenlijk niet eens meer dat er een lot was. Ze sliep op een zaal met drie medepatiënten, snoepte veel bonbons.
Na een paar weken had mijn vader een voorstel: ‘luister, er is plek in de Plantage bij ons in Kralingen, kunnen we samen een tweepersoonskamer krijgen. Wat vind je, kom ik je halen.’
‘Goed jongen, gaan we weer lekker ruzie maken.’
‘Als we het maar niet verleerd zijn,’ grinnikte hij.
‘Welnee,’ lachte ze, ‘zoiets verleer je nooit.’
Maar zover is het nooit gekomen. Ze stierf al snel aan longontsteking. ’s Middags had ik haar nog bedankt dat ze zo’n goede moeder was geweest en dat we zoveel van elkaar hielden. De begrafenis moest geregeld worden. Er kwam een uitvaartdeskundige bij hem thuis, ze bespraken de rouwkaart. ‘Tot mijn verdriet overleed mijn LIEVE vrouw enz.’ Hij stond op het woordje lief.
Mijn moeder knipoogde naar me: ‘nou krijgen we het...’
Op de begraafplaats zaten mijn vader en ik samen in een auto. Toen de rouwauto kwam aanrijden met haar kist barstte hij in snikken uit. Ik hoorde haar stem weer: ‘ah, hij heeft toch zo gauw medelijden met zichzelf.’ Of was het misschien toch om haar? Toen we rond de groeve stonden met buren, verre familie, begon de kraai met de zin: ‘wij staan hier nu aan het graf van mevr…. – ‘Nee!’ riep mijn vader meteen. De man stopte geschrokken. De wind ruiste door de populieren. De kist werd omlaag gelaten, mijn vader nam zijn Engelse pet af. Mijn moeder fluisterde weer: ‘hij weet wel hoe het hoort…’